Aanbesteden van Hippo: ook lucht is gratis
- 9 oktober 2009
Gratis software moet je ook aanbesteden. Althans, dat zou zo moeten zijn volgens een recente advertentie van ICT~Office. Concreet valt ICT~Office over de gratis verwerving door de rijksoverheid van het open sourcepakket Hippo. Door de keuze voor dit gratis Content Management Systeem (CMS) zouden andere niet-gratis producten benadeeld worden. De vrij stellige uitingen daarover in de media wekken toch wel wat verwondering op. Het wekt de suggestie dat je als overheid niet meer een raam open mag zetten voor gratis frisse lucht omdat je ook tegen betaling luchtflessen kunt kopen.
Door Mathieu Paapst*
Er is nog geen twee jaar geleden door het gerenommeerde advocatenkantoor Stibbe een zeer uitvoerig, en binnen de overheid breed gedragen, onderzoek gedaan naar de vraag of gratis open source software simpelweg gedownload kan worden of dat het altijd aanbesteed zou moeten worden. Uit het onderzoek, dat overigens nog steeds te downloaden is vanaf de website van het NOiV, bleek overduidelijk dat gratis software niet hoeft te worden aanbesteed indien daar voor de aanbestedende dienst geen 'op geld waardeerbare prestatie' tegenover staat. De reden hiervoor is simpel: de prijs van een gratis product komt niet boven de Europese aanbestedingsdrempel.
In 2008 werd dit onderzoek gevolgd door een groot Europees onderzoek, uitgevoerd door het gerenommeerde onderzoeksinstituut UNU-Merit in opdracht van de Europese Commissie, waarbij dezelfde eindconclusie werd getrokken: bij open source software worden er geen partijen op voorhand al uitgesloten omdat het een ieder vrij staat en mogelijk wordt gemaakt om op het product diensten te ontwikkelen.
Natuurlijk ben je er nog niet als aanbestedende dienst indien je na de download van de software nog aanvullende diensten nodig hebt als implementatie, opleidingen of garanties. Wanneer je dit soort zaken intern met eigen personeel kunt oplossen, dan is ook hierbij een aanbesteding niet noodzakelijk.
Uiteraard kan het ook voorkomen dat er wel externe diensten of medewerkers nodig zijn voor de aanvullende diensten. In dat geval kan een dergelijke opdracht gewoon via een reguliere aanbesteding of via bestaande raamovereenkomsten gegeven worden aan de leverancier met de beste papieren. Klaarblijkelijk heeft de rijksoverheid dat ten aanzien van alle extern benodigde diensten ook gewoon gedaan. Zo is van het open source CMS Hippo ook bekend dat er diverse implementaties zijn gedaan en ook ondersteuning wordt gegeven door partijen die volledig los staan en dus ook geen partner zijn van Hippo bv, het bedrijf dat het Hippo CMS als open sourceproduct beschikbaar heeft gesteld.
Overigens zou het zeer rigide uitgangspunt van ICT~Office als neveneffect kunnen leiden tot een grootschalige herbezinning op alle ICT-producten die nu ook al gratis in gebruik zijn en worden genomen door aanbestedende diensten. Denk daarbij aan het gratis te downloaden Internet Explorer, Windows Mediaplayer, MSN of Adobe Reader. Of alle gratis software die aangeboden wordt aan de onderwijssector. Wanneer we die lijn doortrekken, dan zou ook de nog te verschijnen gratis webversie van Microsoft Office, en die van Google Docs, beide niet meer gebruikt kunnen worden omdat daarmee de leveranciers van niet-gratis weboplossingen benadeeld worden. Wij denken dat een dergelijk effect niet beoogd is door het Europese aanbestedingsrecht.
Tot slot zijn wij vanuit NOiV blij dat ICT~Office nu aangeeft dat de overheid altijd adequaat en functioneel moet specificeren waarbij geen enkele open of closed source-leverancier mag worden uitgesloten omdat de aanbestedende dienst op voorhand een voorkeur zou hebben voor een merk of leverancier. Daarmee onderschrijven ze dus een belangrijke doelstelling van het actieplan NOiV: het creëren van een level playing field op de softwaremarkt. Mocht een aanbestedende dienst besluiten om niet door middel van downloaden te verwerven maar door middel van een reguliere aanbesteding, dan ondersteunt NOiV deze diensten tevens door het aanbieden van zogenaamde modelteksten waarmee zij in de bestekken leveranciersonafhankelijkheid en interoperabiliteit kunnen meenemen.
* Mr. Mathieu Paapst is Juridisch adviseur bij het programmabureau NOiV.
