Leveranciersbijeenkomst over standaarden, aanbestedingen en Manifest
- 4 februari 2010
Afgelopen vrijdag werd in Utrecht (Media Plaza) de 3de NOiV Leveranciersbijeenkomst gehouden. Waar gerekend was op een bezoekersaantal van 85, kwamen iets meer dan 40 geïnteresseerden af op een tweetal workshops (over open standaarden en over Europees aanbesteden vanuit leveranciersperspectief). Toch kon Ineke Schop, programmamanager NOiV, terugkijken op een geslaagde bijeenkomst: “Ik heb wel het gevoel dat hier goeie energie hangt.” Tijdens de bijeenkomst ook de nodige aandacht voor het ‘Manifest leveranciers open standaarden’ (PDF – 72,3 kB), een document dat er voor moet zorgen dat leveranciers aanspreekbaar worden op het breder toepassen van open standaarden in de door hen ontwikkelde (pakket)software.
Het was NOiV-programmamanager Ineke Schop, die de aftrap van de 3de Leveranciersbijeenkomst voor haar rekening nam. Dat deed zij door nog eens te wijzen op het belang van samenwerking bij het aanpakken van het standaardisatievraagstuk. “Dat vraagstuk komt alleen maar verder als opdrachtgevers en leveranciers sámen zaken oppakken”, aldus Ineke Schop, die verder aangaf te maken te hebben met een voor mensen vaak moeilijk te begrijpen onderwerp. “Ook omdat in het algemeen je toehoorders ICT’ers zijn, terwijl het een vraagstuk is dat de hele organisatie raakt.”
De eerste workshop van de middag werd ingevuld door een gezamenlijke presentatie van Bureau Forum Standaardisatie en programmabureau NOiV. Daarbij werd het spits afgebeten door Peter Waters, Hoofd Bureau Forum Standaardisatie. Na een kort intro over de wens om standaarden te gebruiken bij het containervervoer in de haven van Rotterdam (”Zou het nou niet mooi zijn als van te voren een elektronisch bericht naar Port Infolink gestuurd zou kunnen worden, en dat het verspreid wordt over alle betrokken organen zodat de inklaring van de goederen, en de doorsturing daarvan, bijzonder makkelijk zou gaan? Zover is het nog niet, maar er is wel al een aantal buitengewoon interessante eerste stappen gezet”), ging hij daarna met name in op het begrip interoperabiliteit en de rol daarin van standaardisatie. Verder stond Waters stil bij het selectieproces van en de lijsten met standaarden, de werking van Forum en College Standaardisatie, en bij de betekenis van standaardisatie voor leveranciers.
Organisatieoverstijgend
Net als Ineke Schop in haar inleiding, benadrukte ook Waters in zijn presentatie het belang van samenwerking. Dat deed hij in relatie tot het thema interoperabiliteit, het vermogen van systemen om informatie uit te wisselen en opnieuw te kunnen gebruiken. “Dat is een vraagstuk waar één organisatie zelden meer uitkomt. Dat moet je organisatieoverstijgend aanpakken [...] We zien op het ogenblik allerlei thema’s in de politiek – zoals schoner en groener, veiligheid van kinderen, toegankelijke betaalbare gezondheidszorg, reductie administratieve lasten – en het opmerkelijke is: dit kan eigenlijk geen enkele organisatie meer alleen. Je móet dit samen doen. Dat betekent dat je digitaal gegevens zult moeten uitwisselen, maar dan moet je wel afspraken maken. Bijvoorbeeld over standaardiseren”, aldus Waters, die vervolgens inging op de aanwezigheid en verschillen tussen de twee lijsten met standaarden (de ‘pas-toe-of-leg-uit lijst met 13 standaarden en de lijst met 42 gangbare open standaarden) die door Forum en College Standaardisatie zijn goedgekeurd. Daarbij werden ook de diverse toetsingscriteria benoemd (zoals “zijn ze bruikbaar”, en “is er een duurzaam beheer?”).
Na de presentatie van Peter Waters was het Joris Gresnigt, adviseur bij Bureau Forum Standaardisatie en verantwoordelijk voor het open standaardengedeelte, die een kort interactief gedeelte inleidde waarbij aanwezigen de mogelijkheid werd geboden om te reageren op standaarden die een plaats hebben gekregen, of zouden moeten krijgen, op een van de twee lijsten met open standaarden. Gresnigt maakte daarbij nog eens duidelijk dat het uitgangspunt bij de pas-toe-of-leg-uit lijst vooral de semantische- en organisatorische standaarden zijn. Het presentatiestokje werd daarna overgedragen aan Piet Hein Minnecré, projectmanager/adviseur open standaarden bij het programmabureau NOiV. Hij ging kort in op (de ontstaansgeschiedenis van) het ‘Manifest leveranciers open standaarden’, een document dat er voor moet zorgen dat leveranciers aanspreekbaar worden op het breder toepassen van open standaarden in de door hen ontwikkelde (pakket)software. Minnecré liet weten dat het manifest door, van en voor de leveranciers is. “In vergelijking met een eerder manifest (Open Overheidsorganisaties) is dit nieuwe document misschien wat meer bij de tijd, en wat concreter dan het oude manifest.” De oproep van Piet Hein Minnecré om het document te ondertekenen, leidde er toe dat acht aanwezige partijen het manifest van een ondertekening voorzagen.
Europees aanbesteden
Het tweede deel van de 3de Leveranciersbijeenkomst stond in het teken van de workshop die als titel ‘Europees aanbesteden vanuit leveranciersperspectief’ had meegekregen. Walter van Holst, juridisch adviseur bij het programmabureau NOiV, mocht in iets meer dan een uur tijd de aanwezigen bijpraten over een groot aantal aspecten die te maken hebben met Europees aanbesteden. Van Holst ging in zijn uitgebreide workshop onder meer in op vragen die bij het publiek leefden. Zoals ‘hoe besteed je innovaties aan?’, ‘wat zijn de gunningcriteria bij Europees aanbesteden’, ‘mag je bij aanbestedingen om open source software vragen of mag je dat meewegen bij de beoordeling van de aanbiedingen’, en ‘in welke mate mag een aanbestedende dienst specificeren welk soort product ze willen, of zelfs welk type?’. Van Holst liet onder meer weten dat bij Europees aanbestedingsrecht een aantal issues erg van belang is: transparantie, objectieve gunningcriteria, non-discriminatie, en proportionele eisen (”Zowel qua selectie als qua gunning”).
In de presentatie van Van Holst ook veel aandacht voor verschillende selectiecriteria, gunning en misstanden (”scheve dingen”) in relatie tot aanbestedingen. Een van de aanwezigen liet weten het lastig te vinden om die misstanden aan de kaak te stellen. “Op het moment je daar iets van zegt, dan ben jij degene die dat aanmeldt en dan is jouw naam daaraan gekoppeld. Dat soort zaken maakt het best wel lastig om dingen daadwerkelijk aan de kaak te stellen.” Die (’angst’)gedachte werd gedeeld door meerdere leveranciers, getuige de uitspraak van één van hen op de mededeling van Walter van Holst dat programmabureau NOiV een Meldpunt in het leven heeft geroepen, waar dergelijke misstanden gemeld kunnen worden: “Wij gaan niet als wij tegenover Rijksoverheden zitten, zeggen: wij gaan effe klikken. Dat doen we niet, want dan zijn wij gewoon uitgespeeld.” Van Holst reageerde hierop door te zeggen dat meldingen van misstanden altijd anoniem zullen plaatsvinden (”Als ik een melding krijg, meld ik nooit wie er geklaagd heeft. Dan zeg ik hooguit: er is geklaagd vanuit de markt”).
Coming out parties
Slot van de 3de Leveranciersbijeenkomst was voor Ineke Schop (”Voor ons is het buitengewoon belangrijk om met leveranciers voortdurend gesprekken te voeren over datgene wat wij proberen te bevorderen en alle aspecten die daar aan zitten”), die in het kort de plannen van programmabureau NOiV voor de komende twee jaar naar voren bracht. Zo wil het programmabureau tot eind 2011 actief beleid voeren (”Daar zijn we al mee bezig”) om het Forum aan meer standaarden op de lijst te helpen. “Waar we kansen zien, pakken we ze”. Daarnaast zullen er plugfests gehouden worden voor verschillende standaarden, bijvoorbeeld voor de StUF-standaard. Ook komt er een aantal coming out parties, georganiseerd in samenwerking met Bureau Forum Standaardisatie. “Wat betreft open source software moet onder meer gedacht worden aan advies over aanbestedingen en een afwegingskader. En daarnaast willen we natuurlijk aanschouwelijk blijven.”
Tekst: Frits de Jong
